Futurum: uitleg en oefenen

Hieronder leggen we je uit hoe je het futurum maakt in het Nederlands. Je leert drie manieren om over de toekomst te praten: met presens + tijd in de toekomst, met gaan en met zullen. Ook leggen we de woordvolgorde uit. Helemaal onderaan de pagina kan je oefenen met futurum.

Futurum

Futurum betekent: de toekomst. Je kunt in het Nederlands op drie manieren over de toekomst praten.

  • Presens + tijd in de toekomst
  • Futurum met gaan
  • Futurum met zullen

Presens + tijd in de toekomst

Dit is de makkelijkste manier. Je gebruikt de tegenwoordige tijd van het werkwoord maar je zet er een tijd in de toekomst bij (zoals morgen of volgende week).

Standaard Ik begin morgen op mijn nieuwe werk
Inversie Morgen begin ik op mijn nieuwe werk

Inversie geeft extra nadruk: je begint niet vandaag, maar morgen.

  • Bij inversie wisselen subject en persoonsvorm om.
  • Je maakt van Ik begin morgen dus Morgen begin ik.

 

Standaard en inversie: presens + tijd in de toekomst

Standaard Inversie
Ik begin morgen op mijn nieuwe werk Morgen begin ik op mijn nieuwe werk
We werken straks thuis Straks werken we thuis
Ik werk Peter volgende week in Volgende week werk ik Peter in

Let op: Inwerken is een splitsbaar werkwoord. Het bestaat uit een prepositie (in) en een werkwoord (werken). Bij presens + tijd in de toekomst splitst het werkwoord. De prepositie gaat dan naar het eind van de zin.

Futurum met gaan

Je kunt het futurum ook maken met gaan en de infinitief van het werkwoord. De infinitief gaat naar het eind van de zin.

Standaard Ik ga morgen op mijn nieuwe werk beginnen
Inversie Morgen ga ik op mijn nieuwe werk beginnen

Gaan laat duidelijk zien dat de zin over de toekomst gaat.

  • Bij inversie wisselen subject en persoonsvorm om.
  • Je maakt van Ik ga morgen op mijn nieuwe werk beginnen dus Morgen ga ik op mijn nieuwe werk beginnen.
  • Ook zonder tijd gaat de zin over de toekomst: Ik ga op mijn nieuwe werk beginnen.

 

Standaard en inversie: futurum met gaan

Standaard Inversie
Ik ga morgen op mijn nieuwe werk beginnen Morgen ga ik op mijn nieuwe werk beginnen
We gaan straks die presentatie maken Straks gaan we die presentatie maken
Ik ga Peter volgende week inwerken Volgende week ga ik Peter inwerken

Let op: Inwerken splitst hier niet. Het staat als infinitief helemaal aan het eind van de zin: inwerken.

 

Futurum met zullen

Je kunt het futurum ook maken met zullen en de infinitief van het werkwoord. De infinitief gaat naar het eind van de zin.

Standaard De vergadering zal om drie uur starten
Inversie Om drie uur zal de vergadering starten

Zullen is iets formeler dan gaan. Je ziet het vaker in schrijftaal, maar je hoort het ook in gesproken Nederlands.

  • Bij inversie wisselen subject en persoonsvorm om.
  • Je maakt van De vergadering zal om drie uur starten dus Om drie uur zal de vergadering starten.
  • Ook bij zullen staat de infinitief aan het eind van de zin.

 

Standaard en inversie: futurum met zullen

Standaard Inversie
De vergadering zal om drie uur starten Om drie uur zal de vergadering starten
We zullen Peter volgende week inwerken Volgende week zullen we Peter inwerken
Ik zal morgen thuiswerken Morgen zal ik thuiswerken

Let op: Ook een werkwoord zoals inwerken splitst hier niet. Het blijft als infinitief helemaal aan het eind van de zin staan.

Waarom kiezen voor Alex Language?

  • 15+ jaar ervaring in taalonderwijs (NT2)
  • Taal en coaching op maat voor bedrijven en privé
  • Affiniteit met expats, anderstaligen en immigranten
  • Zelf ontwikkelde, effectieve lesmethode (A2-B1)
  • In regio Rotterdam of online

Oefenen met het futurum

Zet de woorden in de juiste volgorde. Kijk naar de conjunctie: begint deze een hoofdzin of bijzin? Klik onderaan op controleren om te zien hoe goed je het hebt gedaan.

Oefenen met futurum met gaan

Zet de woorden in de juiste volgorde. Let op: bij futurum met gaan staat de infinitief aan het eind.

Vraag 1 van 10
Goed tot nu toe: 0

Hoe werkt het?

  • Klik op de woorden hieronder in de juiste volgorde.
  • Klik op een woord in de zin om het weer terug te zetten.
  • Gebruik Controleer antwoord om je zin na te kijken.
  • Let op: soms zijn twee antwoorden goed: de standaardzin en de zin met inversie.
Maak een goede zin.
Woordblokjes:
Jouw zin:

Resultaat